|
Rampenplanning de storm is uitgeraasd. het water is stil, als een scherm
in een berookte kamer, zijn haast en woede ingeruild voor de pixels
van een vage liefde waarmee het alles, daken, kruinen, dieren,
geduldig draagt. het water heeft alle zwijgen
verzameld, al de waardigheid van de blinde piëta’s. de trage
richtingloze vogels. de drommen vliegen op de ogen, de monden
van kinderen. over hun koortsig vel trekt de dood
al golven als de rilwind over het water
en over het zeil van hijgende tenten. geen nachtelijk gebral stijgt
uit de opeengepakte weiden, niets wordt gesmoord in decibels en tonnen
afval. oefen geduld. als de te luide fun van de zomer
is uitgewoed en gouden lijven dragen weer kleren, doet
de winterwind de ogen tranen. straks, als engelen zingend zweven
boven witbevroren velden en een stenen kind dat al glimlacht.
Martin Carrette stadsdichter Deinze
Bij het gedicht “Rampenplanning”
Mag ik als stadsdichter van Deinze even uw aandacht vragen? Bijgaand gedicht schreef ik eind augustus, n.a.v. de berichtgeving in de media over de ramp in Pakistan en over de zomerfestivals.
Wat me tegen de borst stootte was het feit dat de ramp – volgens betrouwbare bronnen een van de grootste rampen ooit – blijkbaar niet “sexy” genoeg was om de publieke opinie echt te beroeren: slechte tijd van het jaar, geen plotse, spectaculaire ramp, een regio die vooral negatief in de belangstelling komt…
Ik was geschokt door het scherpe contrast tussen beelden over de tentenkampen vol menselijke ellende in Pakistan en beelden van “tentenkampen” op festivals, met fuivende, drinkende, zingende, feestende mensen, in een en dezelfde nieuwsuitzending… En die festivals worden natuurlijk ook bezocht door het publiek waar wij in de middelbare school mee werken.
Daarom stuurde ik het gedicht naar alle secundaire scholen in Deinze, in de hoop dat onze jongeren na een vakantie vol overluide festivalfun, toch ook even oog zouden hebben voor het stille lot van mensen elders op de wereld. Zou ik leerlingen kunnen inspireren tot nadenken over … en misschien wel tot actie?
Misschien is dat ook een zinvolle invulling van dat stadsdichterschap?
Martin Carrette |